Verkeersongeval met letselschade: tegenpartij ontkent ongeval en letsel

Verkeersongeval met letselschade: tegenpartij ontkent

Verkeersongeval met letselschade: ASR ontkent

Verkeersongeval met letselschade: Een vrouw stelt dat er op 28 december 2013 een verkeersongeval met letselschade heeft plaatsgevonden tussen haar en een verzekerde van ASR.

Zij was bijrijder, haar partner reed. De auto werd van achteren aangereden door een andere auto. Die werd gereden door een man en deze auto was verzekerd bij ASR.

De vrouw stelt dat zij en haar partner na het ongeval zijn uitgestapt om de schade te inventariseren. De man was echter niet bereid om een aanrijdingsformulier in te vullen. Volgens hem had de auto van de vrouw geen schade opgelopen.

Na enige discussie stapte de man weer in zijn auto. Hij reed iets naar achteren en trok vervolgens hard op om weg te rijden. Daarbij reed hij tweemaal tegen het lichaam van de vrouw aan. Zij stond op dat moment nog naast haar auto.

ASR: er heeft geen verkeersongeval plaatsgevonden

ASR stelt zich op het standpunt dat er op 28 december 2013 geen verkeersongeval heeft plaatsgevonden. ASR weigert de letselschade van de vrouw te vergoeden en de zaak komt voor de rechter.

Twee vragen voor de rechter:

Vraag 1: Was de vrouw op 28 december 2013 betrokken bij een verkeersongeval met letselschade?

De rechter vindt van wel:

  • Ten eerste heeft de vrouw een (eenzijdig) een aanrijdingsformulier ingevuld, waarin melding wordt gemaakt van een verkeersongeval op 28 december 2013
  • Ten tweede hebben de vrouw en haar partner op 28 respectievelijk 29 december 2013 aangifte gedaan bij de politie van het verlaten van de plaats van het ongeval door de man en poging tot doodslag. In deze aangiftes wordt melding gemaakt van de aanrijding op 28 december 2013.
  • Ten derde heeft de vrouw aangetoond dat uit de belgegevens van de mobiele telefoon blijkt dat haar partner op 28 december 2013 kort na de aanrijding 112 heeft gebeld en de leasemaatschappij van hun auto.
  • Ten vierde blijkt uit het schaderapport van DEKRA dat er schade is geconstateerd aan de achterzijde van de auto en dat als schadedatum 28 december 2013 is genoemd
  • Ten vijfde blijkt uit het verslag van de EHBO van het St. Antonius Ziekenhuis in Utrecht dat de vrouw zich op 28 december 2013 heeft gemeld na een aanrijding. In de conclusie van dit verslag is het volgende opgenomen: “Traumascreening na kop staart botsing laag energetisch en twee maal laag energetische aanrijding buiten de auto. Bij screening behoudens contusionele klachten van de bovenbenen/bekken geen afwijkingen.” Ook op grond van de overige stukken in het medisch dossier blijkt dat het ziekenhuis, de huisarts, de fysiotherapeut en de psycholoog steeds de link leggen met de aanrijding op 28 december 2013.

“Gelet hierop staat voor de rechtbank vast dat er op 28 december 2013 een verkeerongeval heeft plaatsgevonden waarbij de vrouw betrokken was”, aldus de rechter.

Vraag 2: Was de man betrokken bij het ongeval op 28 december 2013?

De rechter vindt van wel en stelt dat de verklaringen van de man tegenstrijdig zijn:

  • De man verklaart wisselend over of hij wel of niet op de hoogte was van de aanleiding voor het politieverhoor op 16 april 2014 en of hij de vrouw en haar partner wel of niet kende van de middelbare school.
  • Hij verklaart op 16 april 2014 dat hij niets wist over waar hij op 28 december 2013 was en wat hij die dag had gedaan, terwijl hij op 13 maart 2015 een gedetailleerde verklaring heeft afgelegd. Deze verklaring vertoont opmerkelijke overeenkomsten met de verklaringen van twee door de man zelf aangedragen getuigen.
  • De verklaringen die zijn afgelegd door de vrouw en haar partner vertonen nauwelijks inconsistenties.

Voor de rechter staat voldoende vast dat de man betrokken was bij het ongeval op 28 december 2013:

  • De verklaring van de vrouw bevat alleen op het punt van de zijde waar zij voor de tweede maal door de auto is geraakt een inconsistentie
  • De rechtbank vindt de verklaringen van de man en beide getuigen minder betrouwbaar
  • Er zijn geen andere feiten die maken dat de verklaring van de vrouw niet juist is.
  • Tot slot staat vast dat de op het aanrijdingsformulier genoemde auto op naam staat van de man.

Conclusie: ASR aansprakelijk voor letselschade

Dit alles brengt de rechtbank tot de conclusie dat met een redelijke mate van zekerheid kan worden vastgesteld dat de man betrokken was bij het ongeval op 28 december 2013. Hiermee staat zijn betrokkenheid bij het ongeval voldoende vast. ASR dient de letselschade van de vrouw te vergoeden.

Heeft u vragen over uw letselschade of discussie met uw tegenpartij?

Aarzel dan niet om contact met ons op te nemen voor een voor u geheel vrijblijvend en dus kosteloos advies. Wij laten u zo snel mogelijk weten waar u aan toe bent en of wij iets voor u kunnen betekenen. In het laatste geval kunt u rekenen op gegarandeerd kosteloze rechtshulp.

(Rechtbank Midden-Nederland, ECLI:NL:RBMNE:2017:2005: lees hier de hele uitspraak)

Wat is u overkomen?

Direct advies nodig? Vul dit formulier in en wij bellen u binnen een dag terug.